• Nederlands
    • Français
  • Nieuwe regels voor opeenvolgende dagcontracten voor uitzendarbeid

    Sinds 2013 voorziet de collectieve arbeidsovereenkomst nr. 108 van de Nationale Arbeidsraad specifieke spelregels voor het gebruik van opeenvolgende dagcontracten bij uitzendarbeid. Dit zijn contracten voor uitzendarbeid met een duur van maximum 24 uur die elkaar onmiddellijk opvolgen of hooguit gescheiden worden door een feestdag of door een gewone inactiviteitsdag in de onderneming.

    Opeenvolgende dagcontracten bij uitzendarbeid zijn enkel toegestaan wanneer de gebruiker de nood aan flexibiliteit kan bewijzen en mits naleving van een bijzondere informatie- en raadplegingsprocedure.

    De sociale partners in de Nationale Arbeidsraad hebben op 24 juli 2018 de collectieve arbeidsovereenkomst nr. 108/2 gesloten met gewijzigde voorwaarden voor opeenvolgende dagcontracten bij uitzendarbeid. Door deze aanpassingen willen de sociale partners het oneigenlijk gebruik van opeenvolgende dagcontracten bestrijden, zodat dit contracttype de uitzondering op de regel blijft.

    Cao nr. 108/2 bepaalt duidelijk wat er moet worden verstaan onder ‘de nood aan flexibiliteit’ bij de gebruiker.

    Met ingang van 1 oktober 2018 zal de gebruiker moeten bewijzen dat het werkvolume afhankelijk is van externe factoren, sterk fluctueert ofwel gekoppeld is aan de aard van de opdracht. Het aantal opeenvolgende dagcontracten voor uitzendarbeid moet bovendien in verhouding zijn met de bewezen nood aan flexibiliteit.

    Daarnaast voert cao nr. 108/2 een strengere informatie- en raadplegingsverplichting in vanaf 1 oktober 2018. Bij het begin van ieder semester moet de volgende informatie verstrekt worden aan de ondernemingsraad of bij ontstentenis aan de vakbondsafvaardiging:

    • gedetailleerde informatie over het gebruik van opeenvolgende dagcontracten, met name het aantal opeenvolgende dagcontracten en het aantal uitzendkrachten dat met opeenvolgende dagcontracten werd tewerkgesteld in het voorgaande semester;
    • het door de gebruiker te leveren bewijs van de nood aan flexibiliteit om gebruik te kunnen maken van opeenvolgende dagcontracten;
    • informatie over het aantal uitzendkrachten per schijf van opeenvolgende dagcontracten (enkel indien de ondernemingsraad of de vakbondsafvaardiging dit uitdrukkelijk vraagt).

    De gebruiker moet tevens jaarlijks de ondernemingsraad (of de vakbondsafvaardiging als er geen ondernemingsraad is) raadplegen over het gebruik van opeenvolgende dagcontracten voor uitzendarbeid en de motivatie om blijvend gebruik te maken van opeenvolgende dagcontracten. Deze raadpleging moet samenvallen met één van de twee semestriële informatiemomenten.

    Wanneer er binnen de onderneming geen ondernemingsraad of vakbondsafvaardiging bestaat, moet dezelfde informatie door het uitzendkantoor aan het Fonds voor bestaanszekerheid voor de uitzendkrachten bezorgd worden. Het Fonds stelt deze informatie dan ter beschikking van de representatieve werknemersorganisaties.

    Om het gebruik van opeenvolgende dagcontracten voor uitzendarbeid te kunnen evalueren, wordt voorzien in een trimestriële schriftelijke rapportering van de RSZ-gegevens aan de Nationale Arbeidsraad.

     

    De nieuwe regels worden van toepassing vanaf 1 oktober 2018. Hierdoor zal de eerste vernieuwde semestriële informatiesessie betrekking hebben op het vierde kwartaal van 2018.

     

    Bron: Collectieve arbeidsovereenkomst nr. 108/2 dd. 24 juli 2018 tot aanpassing van de collectieve arbeidsovereenkomst nr. 108 van 16 juli 2013 betreffende de tijdelijke arbeid en de uitzendarbeid.

     

     

     

    Heeft u nog vragen? Wenst u meer informatie over dit artikel? Neem gerust contact op met de juridische dienst!

    Print Friendly, PDF & Email